“De warmte is al in de buurt - die hoef je niet te halen”

13-04-2026

Een gesprek met adviseur warmtetransitie en voormalig energiecoördinator van de Radboud Universiteit Toon Buiting over de meerwaarde van zeer lage temperatuur bronnen. Voor warmte geldt: “Je hoeft geen kilometers aan leidingen aan te leggen, de bron is er al.”

Toon, wat zijn zeer lage temperatuur bronnen precies?

“Bronnen waar je warmte uit kunt halen. Denk aan lucht, oppervlaktewater, de bodem en grondwater. Het grote voordeel is dat die warmte weliswaar op een lage temperatuur zit, maar dat het weinig energie kost om haar op te waarderen en af te geven aan een woning. Bovendien ze zijn hernieuwbaar: je kunt eindeloos warmte uit lucht en water halen, dat ververst zichzelf steeds weer.”

“Het mooiste vind ik nog wel dat je het heel dichtbij kunt zoeken. Je hoeft geen kilometers aan leidingen aan te leggen, de bron is er al. Je moet de warmte wel opwaarderen via een warmtepomp, maar de warmte zelf is gratis. Lucht is gratis, water is gratis, de bodem is gratis. Geopolitiek is dat ook een groot voordeel: je bent niet afhankelijk van andere landen of regio’s.”

En er zit nog een extra voordeel in, toch? Rond koeling?

“Klopt. Als je bodemenergie gebruikt, kun je ook koude maken. In de winter pomp je grondwater omhoog - dat heeft een temperatuur van zo’n tien graden - en daarmee verwarm je via een warmtepomp het gebouw. Het grondwater dat daarna teruggestuurd wordt naar de bodem is afgekoeld. Die koude sla je op, en in de zomer kun je die gebruiken om te koelen. Dus die koude krijg je min of meer gratis erbij. Veel kantoorgebouwen doen dit al. Voor woningen is het relatief nieuw, maar het werkt prima.”

Jaarcyclus van verwarmen en koelen
Jaarcyclus van verwarmen en koelen.

Welke kansen ziet u voor gemeenten?

“Heel veel kansen. Het mooie is juist dat gemeenten niet afhankelijk zijn van bovenlokale bronnen. Ze hoeven niet buiten de gemeentegrens te kijken. De bron is er al, en hij is gratis.”

“Zeker voor gebieden met winkels, kantoren, ziekenhuizen is een warmte-koude opslagsysteem nu al heel geschikt. Daar is al een grote koelvraag. Projectontwikkelaars pikken dat steeds vaker op.”

“En er is nog een belangrijk voordeel voor het elektriciteitsnet. Warmtepompen die op lucht draaien, hebben een relatief hoge piekvraag aan elektriciteit. Maar als je die warmtepompen aansluit op een zeer lage temperatuur net, gaat die piekvraag fors naar beneden. Dat helpt de netbelasting verlagen en dat is op dit moment een groot probleem in Nederland.”

Waar lopen gemeenten tegenaan?

“Er heerst een hardnekkig idee dat de warmtetransitie betekent: van het gas af, maar wel hoge temperaturen blijven leveren via een ander systeem. Dan worden middentemperatuur netten voorgesteld. Maar dat is eigenlijk het oude denkpatroon, namelijk gebouwen verwarmen zoals we dat met aardgas gewend waren, met kleine radiatoren en hoge aanvoertemperaturen.”

“Als een gebouw goed geïsoleerd is en vloerverwarming of grote radiatoren heeft, dan kun je al prima uit de voeten met een warmtepomp op lage temperatuur. De warmtetransitie gaat dus niet alleen over van het gas af, het gaat ook over de installaties in woningen aanpassen.”

“De opgave voor gemeenteambtenaren is enorm. Er komt veel op ze af: de nieuwe warmtewet, bronnenstrategie, regionale energieplannen. Er is een afvalverbrandingsinstallatie in de regio, er zijn aquathermie-opties, er is bodemenergie. Als je alles tegelijk wilt meenemen, wordt het heel complex.”

Hoe kan het eenvoudiger?

“Ik denk dat het helpt om te beginnen vanuit de woning, vanuit de vraag. En het mooie van zeer lage temperatuur netten is dat je niet hoeft te wachten tot iedereen meedoet. Voor middentemperatuurnetten moet de business case rond zijn voordat je begint. Dat vraagt grote aantallen aansluitingen tegelijk. Maar voor een ZLT-net kun je volstaan met goedkopere kunststof leidingen, en je kunt mensen aansluiten op het moment dat zij eraan toe zijn.”

“Dit wordt de glasvezelmethode genoemd: wie wil er aangesloten worden? Geen dwang, gewoon laten zien hoe aantrekkelijk het is. Dat werkt veel beter.”

En speelt het veranderende klimaat een rol?

“Steeds meer. Er komen meer hittegolven en hogere temperaturen, en mensen schaffen massaal airco’s aan. Die pompen de warmte uit woningen de straat op en dat maakt de hittestress in de stad juist erger. Met bodemenergie haal je die warmte weg uit de omgeving en sla je ze op in de bodem. Per saldo minder opwarming van de stad. Gemeenten zijn druk bezig met klimaatadaptatieplannen, en bodemenergie is daarin een belangrijk instrument.”

Wat draagt dit bij aan de warmtetransitie op de lange termijn?

“Warmtenetten gaan dertig tot veertig jaar mee. In die periode gaat de warmtevraag van gebouwen dalen, door betere isolatie, maar de koelvraag gaat omhoog door het veranderende klimaat. Een ZLT-net met bodemenergie is op beide voorbereid. Als je zo’n investering doet, doe het dan meteen toekomstgericht.”

“Maar er is wel financiering nodig. De investeringskosten liggen hoger dan bij een cv-ketel, ook al zijn de variabele lasten lager. Voor woningcorporaties betekent dat een verschuiving: de huurder betaalt minder aan energiekosten, maar de verhuurder draagt meer investeringslasten. Dat verdient zich terug, maar het duurt even. Er zouden financiële constructies moeten komen die het voor warmtebedrijven makkelijker maken om hun financiering rond te krijgen, leningen, subsidies, langere terugverdientijden.”

Tot slot: wat kun jij voor gemeenten betekenen?

“Vanuit de Energieregio Rotterdam Den Haag kan helpen bij de eerste vragen: welke kant moeten we op denken? Wat moet er gebeuren met een woning om die aan te sluiten op een ZLT-net? Hoe zien de maatschappelijke kosten eruit, niet alleen de directe kosten, maar ook de gezondheidskosten van hittestress, de kosten van aanpak van netcongestie? Als je die meerekent, ziet het plaatje er heel anders uit.”

“Dus als je bij een gemeente werkt en wil meer uit de potentie van ZLT-bronnen halen, neem contact op: ik denk en adviseer graag mee.”

Toon kun je bereiken via: 06 10389788

 

    Afbeeldingen

    Registreren

    Cookie-instellingen